Facebook Twitter Tunein YouTube

‘Zauberhafte’ Die Zauberflöte in Opera de Wallonie

De Toverfluit of juister ‘Die Zauberflöte’ van Wolfgang Amadeus Mozart kan je het orgelpunt van zijn leven noemen. De deuren van het succes en de roem stonden definitief open toen de geniaalste aller componisten op zoveel te jonge leeftijd, op 5 december 1791 overleed, net toen deze opera een ongezien succes had en veel geld opbracht.

Na de uitvoering spreek ik een koppel jonge ouders aan wiens zoon, een jongen van een jaar of 11, was gaan luisteren – op eigen vraag – naar deze opera. Hij vond het zeer mooi, de muziek, de scène… De jongen straalde. De ouders ook omdat hun zoon zo gelukkig scheen ook al hadden zij jammer genoeg geen kaarten meer kunnen bemachtigen. Kijk, kinderlijke eenvoud is wat Mozart ook in Die Zauberflöte koppelt aan de meest verregaande menselijke zware emoties. Het is eigenlijk de rode draad door al zijn composities en zeker zijn opera’s, van zijn Bastien en Bastienne dat al verraadt wat je te wachten staat in bijvoorbeeld Don Giovanni tot de beroemdste en populairste aller opera’s. De opera waar het blijft storm voor lopen en zalen lang op voorhand uitverkocht zijn: jawel, Die Zauberflöte.

Wereldklasse !

Zoals die jongen van elf jaar in de wolken was, zo was dat met al de aanwezigen, uw dienaar inbegrepen. Ja, deze uitvoering verdient een plaats naast de meest spraakmakende van de laatste 50 jaar en ik wik en weeg mijn woorden. Ze zijn niet zomaar dol enthousiast omwille van een verblinde opwelling noch omdat ik de Opéra de Wallonie ter wille wil zijn.

Ere wie ere toekomt en u krijgt zo meteen de lijst van wie er deel van uitmaakte en op welke wijze, maar eerst dit: ja ik was / ben diep geëmotioneerd door de pakkende en uitzonderlijk hoogwaardige uitvoering van Die Zauberflöte in de Opéra Royal de Wallonie . Het kàn gewoon niet anders of Mozart en Schikaneder zelf hebben mee geregisseerd.

Het verhaal van Die Zauberflöte ga ik hier niet uit de doeken doen tot in elk detail, maar laten we zeggen dat het libretto gaat over de strijd tussen goed en kwaad, eerlijkheid en jaloersheid, het is een ode aan man en vrouw in hun rol in een gezin zoals het in Mozarts tijd als ideaalbeeld naar voor kwam, er is de waardering voor de gewone, eenvoudige mensen maar ook voor de nobelen en wijzen die de maatschappij op een hoger niveau moeten tillen. Dat het een inwijdingsverhaal is, is geweten al gaat het om veel meer dan inwijding in vrijmetselaarsloge zus of zo alleen.

De uitvoerders in dienst van Mozart

Eerder waren we al wel eens streng in ons oordeel over dirigent Paolo Arrivabeni, maar deze keer heeft hij het geheel muzikaal degelijk geleid en mocht hij samen met al de andere muzikanten heel wat “Bravo” in ontvangst nemen. Pierre Iodice zorgde alweer voor een koor dat onberispelijk zong en zo in elk beroemd operahuis zou kunnen op de bühne verschijnen.

Voor ik over de zangers wat meer zeg, toch eerst de nodige aandacht voor het kwintet dat zorgde voor een onvergetelijke regie, bijzonder originele decors, kostuums, choreografie en belichting.

Voor de regie en choreografie tekenden Cécile Rouassat en Julien Lubex. Beiden verzorgden ook de decors, samen met Elodie Monet. Redelijke eenvoud, grote originaliteit met ideeën uit het poppentheater en 100% passend in het verhaal van Schikaneder en Mozart. Tijdloze kostuums passend in toen en nu, met humor en ernst sloten perfect aan bij het decor en de regie. Het koor werd van het podium gehouden en zong vanuit de orkestbak. Een zeer goede keuze én knappe oplossing voor de niet al te grote scène van het Luiks operahuis. Het gaf ook ruimte om een acrobatische choreografie in het geheel te passen. Dit gaf wat humor, leven maar ook accentueerde het de moeilijke af te leggen weg van voornamelijk Tamino. Alleen al voor dit geheel zou ik een Gouden Label geven en ja, met de schare zangers erbij…

De hoofdrol is natuurlijk Tamino en die werd gezongen door Anicio Zorzi Giustiniani. Een beetje nazale stem maar wat een buitengewone sterke muzikaliteit ! Refereren naar de rolinvulling aller tijden van Fritz Wunderlich is wat mag (moet?). Zeer tekstgetrouw, zeer Mozartiaans, zeer pakkend. Zijn Pamina, gezonden door Anne-Cathérine Gillet sloot met haar verdragende en heldere sopraan bijzonder goed aan bij Tamino. Wat een duo en wat een sterke aria’s zong ze.

Niet minder was de vertolking van Mario Cassi die een ijzersterke Papageno op de planken bracht. Zeer volle bariton, soepel en dragend. En we gaan door met de Koningin van de Nacht die fantastisch gezongen werd door de colloratuursopraan Burcu Uyar. Subliem! En al even subliem was Sarastro. De diepe basrol van deze grootmeester van de loge werd vertolkt door een van de grootmeesters der diepe bassen, Gianluca Buratto. Prachtig, indrukwekkend en ontroerend. Ja, ik had mijn zakdoek nodig.

Inge Dreisig zong met klasse de vrolijke Papagena en Krystian Adam was een heldere, zuivere Monostatos. De Drie Dames werden in een glansregie en kostumering vertolkt door Anneke Luyten, Sabine Willeit en Beatrix Krisztina Papp. Het ontbreekt me, zoals voor elke rol in feite, aan de juiste superlatieven om de kwaliteit te duiden en wie daar als gegoten bij aansloten waren ‘Der Sprecher’ – Roger Joakim, Arnaud Rouillon als de Erster Priester en Zweiter geharnischter Mann en Papuna Tchuradze als Zweiter Priester en Erster geharnischter Mann.

Een extra vermelding verdienen de ‘Drei Knaben’ al weet ik niet wie van de jongens/meisjes ik gehoord heb. Er zijn namelijk negen jongens en meisjes die ingezet worden voor de verschillende opvoeringen.

Geloof me vrij beste lezers. Mozart zou deze uitvoering met groot applaus beloond hebben. En dus herhaal ik het: wereldklasse !

Ludwig Van Mechelen

—-

Deze en andere recensies vind je terug op www.klassiek-centraal.be

Klassiek Centraal

Recent